Deze website maakt gebruik van Cookies Privacy verklaringOK
MENU

Op staande voet ontslagen in proeftijd?

Een uitzendkracht werkt tot eind augustus als grondwerker bij een bedrijf. Met ingang van september treedt hij in vaste dienst. In zijn contract staat een proeftijd van twee maanden. Op 22 oktober zegt de directeur de arbeidsovereenkomst telefonisch per direct op. Dit wordt schriftelijk bevestigd. De werknemer legt zich er niet bij neer.

De schriftelijke bevestiging van de opzegging bevatte de volgende redenen: onder invloed zijn tijdens werktijd, te laat op het werk verschijnen, ten onrechte ziekmelden, ongeoorloofd privé rijden met de auto van de zaak, diefstal, respectloos omgaan met de werkgever.

De advocaat van de werknemer stelt dat het proeftijdbeding nietig is en dat het ontslag dus niet rechtsgeldig is. Hij eist doorbetaling van salaris.

De rechter is van mening dat de proeftijd inderdaad nietig is. De werknemer werkte voorafgaand aan de indiensttreding bij de werkgever in dezelfde functie. De werkgever heeft voldoende gelegenheid gehad om de vaardigheden van de werknemer als grondwerker te beoordelen. Van een rechtsgeldige opzegging tijdens de proeftijd is dus geen sprake.

Volgens de werkgever gaf hij in het telefoongesprek ontslag op staande voet en had werknemer dat moeten begrijpen, ook al sprak de bevestigingsbrief over ontslag tijdens de proeftijd. De rechter is het daar niet mee eens. Ook een ontslag tijdens de proeftijd moet namelijk worden gemotiveerd. Bovendien werd niet aan de vereisten voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet voldaan. Kortom: de arbeidsovereenkomst is na 22 oktober gewoon doorgelopen. De werkgever wordt volledig in het ongelijk gesteld.

Tip: Ga vooraf na of u in een arbeidsovereenkomst met een medewerker een proeftijdbeding mag opnemen. Is er, ook in de proeftijd, een dringende reden voor ontslag op staande voet, geef dit ontslag dan onverwijld. In uw schriftelijke bevestiging vermeldt u de dringende reden voor ontslag op staande voet. Zo staat u juridisch sterker, mocht de rechter de proeftijd achteraf nietig verklaren.